Kop logo vom Himmel hoch
Home - Archief - 26 september 2003, OLV-Basiliek van Zwolle (Peperbus)

Archief

26 september 2003

Slotconcert Dan Sus Dan So in OLV-Basiliek van Zwolle

Als locatie voor de afsluiting van de zomerserie van „Dan Sus Dan So in de Noordelijke IJsselvallei" hebben we de meest beroemde kerk uit de regio gekozen: de OLV-Basiliek van Zwolle. Hoewel de kerk het meest bekend is vanwege haar toren -de Peperbus- is het gebouw tevens een van de belangrijkste muzikale uitvoeringsplaatsen van de stad. Dit heeft, behalve met de bijzondere sfeer in de kerk, vooral te maken met de prachtige akoestiek van de ruimte.

Gea Hoven opende het concert met de Tocatta in a van Sweelinck op het koororgeltje van de kerk. Behalve als soliste begeleidde ze tevens de zang van mezzo-sopraan Ineke Vlogtman en fluitist João Ramos Marta. Gea Hoven had haar programma zo samengesteld dat zij voor de pauze alle werken op het kleine orgel speelde, terwijl ze na de pauze vanaf het grote instrument te horen was. Het verschil in orgels correspondeerde tevens met haar muziekkeuze die na de pauze van veel recentere datum was. Hierdoor ontstonden twee verschillende sferen op de avond: klassiek in het begin en iets moderner aan het eind.

Het driemanschap Gregoriana uit Amsterdam zong ook deze avond weer uit de oude liturgie die hoort bij de tijd van het jaar. Het ensemble probeert het Gregoriaans in de meest oorspronkelijke vorm te zingen, wat niet eenvoudig is, omdat de muzieknotatie niet eenduidig interpreteerbaar is. Op basis van de oudst bekende handschriften vormt Gregoriana de gezongen melodieën, waarbij ze gebruikmaakt van uiteenlopende cultuurhistorische informatie. Alsof dat alles nog niet genoeg is ontwikkelde Geert Maessen, de muzikale leider van het gezelschap, tevens een eigen muzieknotatie die een combinatie is van handschriften uit verschillende periodes. Gregoriana deed deze slotavond voor de twaalfde keer mee met een Dan Sus Dan So-concert, waarvan verschillende opnames verschenen op hun onlangs uitgebrachte CD Gregoriana live 2003. De CD is te bestellen via de erg interessante website www.gregoriana.tk.

Begeleid door het koororgel vervolgde fluitist João Ramos Marta met enkele delen uit de vierde sonate van Johann Sebastian Bach. Net als het solowerk van Gea Hoven bestond ook de bijdrage van Ramos Marta in het gedeelte na de pauze uit meer recenter werk (Alain en Fauré). Op beide orgels pakt de combinatie met fluit erg goed uit en het lijkt erop dat Hoven en Ramos Marta al lang met elkaar samenwerken. Ik verbaasde me er over hoe schijnbaar gemakkelijk beide spelers na een korte pauze telkens gelijktijdig invallen en volgens mij is het hierbij nodig om uit de subtielste lichaamstaal het signaal te destilleren om weer te beginnen met
spelen.

Het Anido Guitarduo , de vaste medewerkers van de afgelopen winterserie, brachten deze avond traditiegetrouw een afwisseling tussen het werk van de Argentijnse componiste María Louisa Anido en de muziek van Annette Kruisbrink, die zelf deel van het duo uitmaakt. Ook het Anido Guitarduo wisselt hiermee het klassiekere werk af met het meer hedendaagse. Het werk van Kruisbrink is experimenteler dan dat van Anido en maakt gebruik van een scala aan „nieuwe klanken" in de gitaarmuziek.

Mezzo-sopraan Ineke Vlogtman deed deze avond voor het eerst mee aan een Dan Sus Dan So-concert. Ook de werken van Ineke Vlogtman waren deze avond opgedeeld volgens het principe: klassiek voor de pauze en meer hedendaags in het tweede deel. De mezzo-sopraan is vertrouwd met de verschillende genre's en soleerde in het verleden op internationale podia met zowel opera als liedrecitals. Tijdens deze avond zong Vlogtman de aria „Betörte Welt" van Bach en vervolgde in het gedeelte na de pauze met een compositie uit 1996 van F. Brouwer. Indringend bleek ze het gedicht van Wilbert Smit een extra dimensie te geven.

De meer vrolijke noot aan het programma kwam van de Wageningse muziekgroep Madlot , die voor de vijfde keer meedeed aan een Dan Sus Dan So-concert. Het is altijd een hachelijke zaak geweest om de volksmuziek in de kerk te programmeren, omdat het snel als „ongepast" wordt beschouwd in een meer „devote context". De groep Madlot heeft zich er merkbaar voor ingezet om deze kloof te dichten. Hun bijdrage begon met een meditatief duet op oude Hollandse doedelzakken en geleidelijk aan werd hun muziek iets frivoler.
Madlot voelt erg goed aan dat hun rol er zowel uit bestaat om aansluiting te vinden met de oude kerkelijke cultuur, maar tevens uit het brengen van enige uitingen van levensvreugde in de programma's.

Zwolle, 29 september 2003

Harm Jan Wilbrink